Dyslexie

Als je dyslectisch bent, heb je een dyslexieverklaring. Bij de aanmelding hier op school wordt die verklaring meegestuurd. Er wordt een dyslexielijst gemaakt waar alle dyslecten op staan en die wordt doorgegeven aan de mentoren en de andere docenten. Zo houden wij vanaf het begin van het schooljaar rekening met je dyslexie.

Als je bent gestart op school krijg je in de eerste schoolweken een gesprek met de dyslexiespecialist. Zij bespreekt samen met jou waar jij het beste mee geholpen kunt worden. Alle gemaakte afspraken zetten we op jouw dyslexiepas. Voorbeelden van zulke afspraken zijn: tijdsverlenging, groter lettertype en een aangepaste beoordeling spelling Nederlands en Engels. Ook afspraken als het gebruiken van lees/luisterteksten, lees/luisterboeken en aantekeningen uitgeprint krijgen staan op de dyslexiepas.

Je krijgt minimaal twee coachingsgesprekken per schooljaar en als het nodig is kun je altijd tussendoor binnenlopen bij de dyslexiespecialist/coach. Binnen de lessen helpen de mentor en de andere docenten je zoveel mogelijk om goed om te kunnen gaan met je dyslexie. Als het nodig is, kun je extra begeleiding voor lezen en schrijven krijgen van de dyslexiespecialist. Bij vragen over je dyslexie kun je terecht bij mevr. J. van den Berg, dyslexiespecialist en bij mevr. K. van Netten, zorgcoördinator.

Pesten

Wordt je gepest? Bedenk eerst dat het niet aan jou ligt dat je gepest wordt! Vaak is degene die pest juist erg onzeker of probeert hij/zij op die manier aandacht of macht te krijgen. Als je wordt gepest is het vaak moeilijk om er met iemand over te praten. Misschien ben je bang of schaam je je dat je wordt gepest. Toch is het belangrijk om erover te praten met iemand die jij vertrouwt. Praat erover met je vader of moeder, vriend of vriendin. Zij kunnen je helpen! Je kunt het ook altijd bespreken met je mentor. Je staat in ieder geval nooit alleen.

Ook komt het onderwerp pesten aan de orde in de lessen. Wij gebruiken hiervoor de ‘No Blame methode’. Dit is een probleemoplossende methode om met pestproblemen om te gaan. Zij gaan uit van het principe: ‘Je stopt energie in wat je wilt bereiken en zo min mogelijk in waar je last van hebt’. Ook maken we gebruik van de methodes Meidenvenijn, Rots en Water en Leefstijl.

Cyberpesten

Gepest worden via internet of via je mobiele telefoon is net zo erg als gepest worden op school. Je kunt vaak niet zien wie je pest en je kunt er moeilijk voor weglopen. Er zijn veel manieren waarop je online gepest kunt worden: vervelende berichten via e-mail, WhatsApp of Facebook, jouw foto van social media plukken en deze bewerken. Of een webcamgesprek opnemen en dit zomaar als filmpje op YouTube zetten. Heel vervelend als het jou overkomt!

Je kunt er het volgende tegen doen:
• Blijf er niet mee rondlopen, maar praat er met iemand over. Wees niet bang om het aan je ouders of aan je docent te vertellen.
• Als iemand je lastig valt of vervelende dingen zegt, weiger of blokkeer hem dan.
• Reageer niet op vervelende e-mailtjes.
• Maak schermafdrukken (via printscreen of maak een foto).

Tips om te voorkomen dat je gepest wordt via internet:
• Denk er goed na over welke persoonlijke informatie je online plaatst en voor wie.
• Houd adresgegevens, telefoonnummers, vakantiefoto’s liever privé.
• Bedenk ook goed hoe je je profiel afschermt. Geef nooit je gebruikersnaam en wachtwoord aan iemand anders!

Faalangst

Een beetje spanning is niet erg. Vaak wordt je er juist alert van en presteer je extra goed. Maar als je door de spanning niet meer lekker in je vel zit, slecht slaapt of lagere cijfers haalt, dan wordt het tijd er iets aan te doen. Neem dan contact op met je mentor en praat erover. Je mentor kan ervoor zorgen dat je individuele begeleiding krijgt om te trainen om je faalangst te verminderen. Soms zorgt de mentor ervoor dat je door school maatschappelijk werk verder wordt geholpen.